Naar de inhoud

Overweging 123 van 130

OFFICIËLE TEKSTVerordening (EU) 2024/2847·Officiële taalversie: Nederlands (NL)·
·Opgehaald op 2 november 2026·Bekijken op EUR-Lex

De 2 correcties die in het Publicatieblad voor de Nederlandse versie zijn bekendgemaakt, zijn toegepast en in de tekst gemarkeerd. Dit is geen officiële geconsolideerde versie: alleen de in het Publicatieblad bekendgemaakte teksten zijn authentiek. Versies en bronnen

OFFICIËLE TEKSTLetterlijk zoals bekendgemaakt. Niet herschreven.
(123)

In haar betrekkingen met derde landen streeft de Unie ernaar de internationale handel in gereguleerde producten te bevorderen. Er kan een breed scala aan maatregelen worden toegepast om de handel te vergemakkelijken, waaronder verschillende rechtsinstrumenten, zoals bilaterale (intergouvernementele) overeenkomsten inzake wederzijdse erkenning (Mutual Recognition Agreements, MRA’s) voor conformiteitsbeoordeling en markering van gereguleerde producten. Overeenkomsten inzake wederzijdse erkenning komen tot stand tussen de Unie en derde landen die een vergelijkbaar niveau van technische ontwikkeling hebben en een verenigbare aanpak op het gebied van conformiteitsbeoordeling hanteren. Die overeenkomsten zijn gebaseerd op de wederzijdse aanvaarding van certificaten, conformiteitsmarkering en testverslagen die door de conformiteitsbeoordelingsinstanties van een van beide partijen worden afgegeven in overeenstemming met de wetgeving van de andere partij. Er bestaan momenteel overeenkomsten inzake wederzijdse erkenning met verschillende derde landen. Die overeenkomsten inzake wederzijdse erkenning worden gesloten in een aantal specifieke sectoren, die van derde land tot derde land kunnen verschillen. Om de handel verder te vergemakkelijken, en in het besef dat toeleveringsketens van producten met digitale elementen mondiaal zijn, kan de Unie overeenkomstig artikel 218 VWEU overeenkomsten inzake wederzijdse erkenning met betrekking tot conformiteitsbeoordeling sluiten voor producten die onder deze verordening vallen. Samenwerking met derde partnerlanden is ook belangrijk om de cyberweerbaarheid wereldwijd te versterken, aangezien dat op lange termijn zal bijdragen tot een versterkt cyberbeveiligingskader, zowel binnen als buiten de Unie.